Een trouwpak kies je op vier punten: het aantal delen, de snit, de vorm van de revers en het aantal knopen. Daarbinnen bestaan er twee formele uitzonderingen met eigen regels, het jacquet voor de dag en de smoking voor de avond. Wie die vier punten kent, kan in een winkel meteen zeggen wat hij zoekt in plaats van tien pakken aan te trekken.
De meeste bruidegoms komen uiteindelijk uit bij een tweedelig of driedelig pak in wol, met een stap- of puntrevers en een enkele rij knopen. Dat is geen gebrek aan fantasie, dat is het model dat op foto's het rustigst staat en dat je daarna nog kunt dragen. Hoe je het geheel bij de sfeer en bij de bruid afstemt, staat in hoe je de outfit van de bruidegom kiest; hier gaat het over de modellen zelf.
Plan jullie bruiloft op één plek
Gratis account met checklist, budgetplanner, gastenlijst en jullie eigen trouwwebsite.
Begin met plannenTweedelig of driedelig: wat kies je?
Twee delen is een colbert met een broek, drie delen is hetzelfde met een gilet erbij. Dat gilet doet meer dan je denkt:
- Het maakt het geheel formeler, zonder dat je naar een jacquet moet.
- Je blijft gekleed als het colbert aan het eind van de middag uitgaat. Dat is het sterkste argument, want dat moment komt.
- Het verlengt de lijn van je bovenlichaam op foto's.
- Het is warm. Op een dag boven de vijfentwintig graden draag je drie lagen wol, en dat voel je.
Een tussenvorm die goed werkt: een driedelig pak waarvan het gilet van een lichtere stof is, bijvoorbeeld linnen of katoen bij een wollen colbert. Kies je twee delen, zorg dan dat je hemd en bretels er netjes uitzien, want die zijn de hele avond in beeld.
Welke snit past bij welk postuur?
De snit bepaalt hoe het pak om je lichaam valt, en dat is iets anders dan je maat. In de winkel hoor je deze vier:
- Slim fit. Smalle schouder, strakke taille, nauwe broek. Werkt bij een slank en recht postuur en vergeeft niets.
- Modern of tailored fit. Iets taille, maar met ruimte onder de armen en bij de heup. Dit is de snit waar de meeste mannen goed in staan.
- Regular fit. Rechte lijn van schouder naar heup. Prettig als je breder gebouwd bent of als je de hele dag veel beweegt.
- Klassieke snit met gevulde schouder. Zwaarder, formeler, met een duidelijke schouderlijn. Past bij een jacquet-achtige sfeer en bij een grotere lengte.
Bij de broek maak je twee keuzes erbij: recht of taps toelopend, en met of zonder diepe vouwen bij de band. Vouwen geven ruimte op de heup, een taps model maakt het geheel moderner. Laat de broeklengte altijd aanpassen. Een pak van de rek met een ongemoeide broeklengte valt direct op een foto op.
Wat betekenen de reversvormen en de knooprijen?
Drie reversvormen en twee knooprijen, en daarmee heb je alles gehad:
- Staprevers. De inkeping tussen kraag en revers wijst recht naar buiten. De gewoonste vorm, rustig en breed inzetbaar.
- Puntrevers. De punt wijst omhoog naar je schouder. Formeler en iets scherper, mooi bij een driedelig pak en bij een dubbele rij knopen.
- Sjaalkraag. Een doorlopende ronde kraag zonder inkeping. Hoort bij een smoking en bij een avondfeest, niet bij een ceremonie om elf uur 's ochtends.
Voor de knopen: een enkele rij met één of twee knopen staat het slankst, en je sluit altijd alleen de bovenste. Een dubbele rij knopen, waarbij het colbert over elkaar sluit, geeft breedte en een duidelijk formeel karakter. Het blijft wel de hele avond dicht, dus kies die vorm alleen als je zeker weet dat je dat volhoudt.
Wanneer draag je een jacquet of een smoking?
Allebei horen ze bij een duidelijk tijdstip, en daar zit het grootste verschil met een gewoon pak.
Een jacquet is dagkleding: een lang colbert met afgeronde panden, een gestreepte of effen grijze broek, een gilet en meestal een plastron of een das. Je draagt het bij een ceremonie in de voormiddag of de vroege middag, vaak in een kerk, en het hele gezelschap gaat dan mee in dat niveau. In België noemen ze dit ook een jacquet, in Nederland hoor je soms de term ochtendkostuum.
Een smoking is avondkleding: zwart of middernachtblauw, een sjaalkraag of puntrevers met zijde erop, een broek met een zijden band langs de naad en een vlinderdas. Die begint bij een feest dat in de avond start. Een smoking bij een ceremonie om tien uur 's ochtends ziet er verkleed uit.
Houd er bij beide rekening mee dat ze het niveau voor je gasten zetten. Zet het dus duidelijk op de uitnodiging, en bedenk hoe je getuigen eruit gaan zien.
Welke stof past bij het seizoen?
Begin bij de stof voor je naar kleuren kijkt, want de stof bepaalt of je de dag doorkomt:
- Wol is het hele jaar bruikbaar. Een lichte, losse weving voor de zomer, een zwaardere kwaliteit voor de winter.
- Linnen en katoen zijn licht en koel, maar ze kreuken zichtbaar. Dat hoort erbij en het is op foto's te zien.
- Tweed en flanel horen bij de koude maanden en bij een landelijke sfeer.
- Glanzende mengsels met veel polyester zitten warm en geven op foto's een harde glans. Voel aan de voering, want daar zit vaak het probleem.
Wil je weten wat een pak op maat vraagt in tijd en geld, lees dan wat een trouwpak op maat kost. De afweging tussen kopen en huren per model staat in huur je een trouwpak of koop je er een.
Zo kies je je model stap voor stap
- Bepaal eerst het tijdstip en de sfeer van de dag, want dat sluit het jacquet en de smoking meteen in of uit.
- Beslis over twee of drie delen, en houd de temperatuur van de maand in gedachten.
- Laat in de winkel dezelfde maat in drie snitten aantrekken en kijk alleen naar de schouder.
- Kies de revers en de knooprij die bij de snit passen, en niet los daarvan.
- Voel de stof en de voering, en vraag welk aandeel wol erin zit.
- Laat de broeklengte en de mouwlengte aanpassen, ook bij een gehuurd pak.
- Zoek de pakkenzaken en kleermakers bij je in de buurt via onze leveranciers.
