Reken bij ronde tafels van acht tot tien gasten op één groot tafelstuk in het midden, of op drie kleine die je samen groepeert. Bij lange tafels neem je een stuk per anderhalf tot twee meter, zodat er niets kaal blijft. Tel daar vier tot zes losse stukken bij op voor de taarttafel, de cadeautafel, de bar en de ontvangst. Bij tachtig gasten aan tien tafels kom je zo op veertien tot zestien stukken.
Afwisselen mag, en het geeft een zaal ritme, maar hou het bij twee of drie varianten in dezelfde kleuren en materialen. Meer dan dat oogt snel als een verzameling in plaats van een geheel. De belangrijkste regel gaat niet over hoeveel maar over hoogte: alles wat tussen ongeveer dertig en zestig centimeter hoog is, staat precies in de zichtlijn van mensen die met elkaar willen praten. Blijf daaronder of ga daar ruim overheen.
Plan jullie bruiloft op één plek
Gratis account met checklist, budgetplanner, gastenlijst en jullie eigen trouwwebsite.
Start gratisHoeveel tafelstukken heb je precies nodig?
Begin met je tafelindeling, niet met een winkelmandje. Weet je hoeveel tafels er staan en hoe groot ze zijn, dan volgt de rest vanzelf. Een rekenvoorbeeld voor tachtig gasten:
- Tien ronde tafels van acht personen: tien stukken, of dertig kleine als je met groepjes werkt.
- Een ereplaats of hoofdtafel: één breder, lager stuk, zodat jullie er overheen kijken.
- Taarttafel, cadeautafel en bar: drie kleinere stukken.
- Ontvangst, gastenboek en eventueel het toilet: twee tot drie kleine accenten.
Werk je met een lange tafel van twaalf meter, dan heb je zes tot acht stukken nodig plus kaarsen ertussen. Maak die telling pas definitief als je tafelindeling vaststaat, want een tafel meer of minder verandert je bestelling. Met de tafelschikking zie je in één oogopslag hoeveel tafels er komen en hoeveel mensen er per tafel zitten.
Hoe hoog mag een tafelstuk zijn?
Laag betekent maximaal zo'n dertig centimeter: een schaal, een lage vaas of een compositie van kleine flesjes. Hoog betekent minstens zestig, en liever zeventig centimeter, met een smalle voet zodat je eronderdoor kunt kijken. Daartussenin zitten er de hele avond gasten met hun hoofd opzij te praten.
Kaarsen zijn het goedkoopste hoogteverschil dat er is, maar vraag eerst na wat je locatie toestaat. Steeds meer zalen verbieden open vuur of eisen dat elke vlam in een glas staat. Ledkaarsen met een warme kleur zijn een prima alternatief en schelen bovendien gedoe met kaarsvet op linnen. Reken bij een zaal met weinig sfeerverlichting op meer kaarsen dan je denkt: drie tot vijf per tafel geeft pas echt licht.

Hoe wissel je af zonder dat het rommelig wordt?
Kies één rode draad en varieer daarbinnen. Dat kan de kleur zijn, de soort bloem, of het materiaal van de vazen. Werk daarna met een ritme in plaats van willekeur: tafel één laag, tafel twee hoog, tafel drie laag, enzovoort. Zo ziet iedereen vanaf elke plek in de zaal beide varianten, en oogt het bewust in plaats van toevallig.
Een paar dingen die bijna altijd werken:
- Dezelfde vaas in drie hoogtes, gegroepeerd per tafel.
- Eén bloemsoort in verschillende tinten van dezelfde kleur.
- Hoge stukken alleen op de tafels aan de randen, laag in het midden van de zaal.
- Een tafelloper of een spoor van losse takken tussen de kleine stukken door.
Wat je beter vermijdt: vijf verschillende vaasvormen, felle kleurcontrasten per tafel, en geuren die met het eten botsen. Zoek je meer richting voor de stijl, dan helpt ons artikel over tafeldecoratie kopen of zelf maken je verder.
Wat kost het, en waar valt te besparen?
Bij een bloemist kost een klein tafelstuk doorgaans 25 tot 50 euro, een groter stuk 60 tot 150 euro. Bij veertien stukken praat je dus al snel over 500 tot 1.500 euro, exclusief kandelaars en kaarsen. Vazen en kandelaars huren kost meestal 2 tot 8 euro per stuk, wat vaak goedkoper is dan kopen en je bovendien de vraag bespaart waar je ze daarna laat.
Besparen kan op vier manieren. Kies bloemen die in het seizoen zijn, want dat scheelt makkelijk een derde. Gebruik meer groen en minder bloem, bijvoorbeeld eucalyptus of olijftakken met een paar accenten. Laat de bloemen van de ceremonie na afloop verhuizen naar de feestzaal, dan betaal je één keer voor twee momenten. En overweeg droogbloemen, die je vooraf kunt maken en achteraf kunt houden. Wil je het helemaal zelf doen, lees dan eerst hoe je zelf tafelversiering maakt, want de tijd die het kost wordt vaak onderschat. Twijfel je tussen zelf doen en uitbesteden, vraag dan bij een paar bloemisten in jouw regio een opgave op basis van jouw aantal tafels.
Wie zet alles klaar en wat gebeurt er daarna?
Dit is het punt dat de meeste stress oplevert, want een tafelstuk moet op de dag zelf ergens vandaan komen en ergens naartoe. Vraag je locatie hoe laat je binnen mag: sommige zalen geven je de ochtend, andere pas twee uur van tevoren omdat er die middag nog een lunch is. Spreek daarna af wie het doet. Een bloemist die komt opbouwen rekent daar vaak 100 tot 300 euro voor, en dat is meestal het geld waard als je met veel stukken werkt.
Doe je het zelf, wijs dan twee mensen aan die het die ochtend regelen, en niet jezelf. Vervoer stukken met water in emmers en niet in de vaas, want die vallen om in de auto. Spreek tot slot af wat er na afloop gebeurt: laat gasten de stukken meenemen, geef ze aan een woonzorgcentrum in de buurt, of laat de bloemist ze de volgende ochtend ophalen. Zonder afspraak staat er zondagochtend een zaal vol bloemen waar niemand verantwoordelijk voor is.
In vijf stappen naar je tafeldecoratie
- Leg eerst je tafelindeling vast en tel het aantal tafels.
- Kies laag of hoog, nooit iets ertussenin.
- Beperk je tot twee of drie varianten in één kleur- en materiaalfamilie.
- Vraag een opgave op basis van jouw aantal tafels en vergelijk huren met kopen.
- Spreek op papier af wie opbouwt, wanneer dat mag en wie het opruimt.




