De meeste bruiden schuiven hun verlovingsring vlak voor de ceremonie naar de andere hand. Zo is de ringvinger vrij, kan je partner de trouwring er zonder gefrunnik op schuiven, en zet je daarna de verlovingsring er weer bovenop. Je kunt hem ook thuis laten of aan een getuige geven. Alle drie is prima: er bestaat geen regel die zegt wat moet.
Waarom mensen er toch iets van vinden, komt uit een oude gewoonte: de trouwring hoort volgens die traditie het dichtst bij je hart te zitten, dus als eerste op de vinger. Praktisch gezien is de reden simpeler. Twee ringen tegelijk over een knokkel duwen, met vijftig mensen die kijken, is een klusje dat je jezelf beter bespaart. Hieronder zetten we op een rij wat je vooraf beslist en wat je op de dag zelf regelt.
Plan jullie bruiloft op één plek
Gratis account met checklist, budgetplanner, gastenlijst en jullie eigen trouwwebsite.
Start gratisWaarom verschuiven bruiden hun verlovingsring voor de ceremonie?
Het antwoord is vooral praktisch. Een trouwring die over een verlovingsring heen moet, blijft hangen op de zetting van de steen. Dat kost tijd, geeft zenuwen en levert foto's op waarop twee mensen zitten te wurmen. Door de verlovingsring naar je andere ringvinger te verplaatsen, houd je het moment rustig.
Wanneer doe je dat? Meestal 's ochtends, als je je klaarmaakt, zodat je er tijdens de ceremonie niet meer aan hoeft te denken. Sommige bruiden doen het pas vlak voor ze naar binnen lopen, maar dan sta je met een ring in je hand terwijl je ook nog een boeket vasthebt. Na de ceremonie, of gewoon 's avonds thuis, zet je hem terug boven de trouwring.
Andere opties die net zo goed werken:
- Laat je verlovingsring thuis, in een doosje of kluis. Rustig, maar wel jammer voor de foto's van je handen.
- Geef hem aan je getuige of aan je moeder, met de afspraak dat je hem meteen na de ceremonie terugkrijgt.
- Draag hem gewoon en schuif hem tijdens de ceremonie zelf even een vinger opzij. Dat kan, maar het is de variant met het meeste geknoei.
Om welke vinger en welke hand gaat de trouwring?
De ringvinger is in Nederland en België de vierde vinger, naast je pink. Welke hand het is, verschilt. In Vlaanderen draagt het merendeel de trouwring links. In Nederland is het beeld gemengd: van oudsher dragen katholieken hem links en protestanten rechts, en tegenwoordig kiezen veel koppels gewoon wat hun ouders deden of wat prettig zit.
Ben je rechtshandig en werk je met je handen, dan kan links praktischer zijn omdat de ring dan minder klappen krijgt. Meer achtergrond over die keuze lees je in dit artikel over welke hand. Spreek in elk geval van tevoren met je partner af aan welke kant jullie hem doen, zodat niemand tijdens de ceremonie naar de verkeerde hand grijpt.

Wat doe je als de ring op de dag zelf niet past?
Dat gebeurt vaker dan je denkt, en bijna altijd door dezelfde oorzaak: warmte en zenuwen laten je vingers opzwellen. Een ring die in maart perfect zat, kan in juli om drie uur 's middags een halve maat te klein voelen. Zout eten, alcohol en lang staan doen er nog een schepje bovenop.
Wat helpt:
- Pas je ringen ongeveer twee weken vooraf nog eens, op een warm moment van de dag.
- Bewaar de ringen in de schaduw, niet in een broekzak in de zon.
- Laat de ring niet forceren. Tot aan de knokkel is genoeg voor het moment; de rest doe je later.
- Een beetje handcrème of zeep bij de hand houden kan net het verschil maken.
Zit een ring structureel te strak of te ruim, laat hem dan vooraf aanpassen. Een maat groter of kleiner maken kost bij de meeste juweliers grofweg dertig tot tachtig euro, afhankelijk van het materiaal en het model. Ringen met stenen rondom of met een binnenwerk van een andere kleur zijn lastiger of soms niet aan te passen. Vraag dat na bij de juwelier waar je ze koopt, vóór je bestelt, want dat scheelt later gedoe.
Wie bewaart de ringen tot het moment zelf?
Kies één persoon en zeg het hardop. In de praktijk is dat vaak een getuige, de ceremoniemeester of een bruidskind met een ringkussen. Werkt dat laatste met een kind onder de zes, geef dan een doosje dat dichtklikt of hecht de ringen met een lintje vast. Meer over die keuze staat in dit stuk over de ringdrager.
Er is nog een variant die je bij vrije ceremonies ziet: de ringen gaan in een doosje langs de eerste rijen gasten, zodat iedereen ze even vasthoudt voordat ze bij jullie terechtkomen. Mooi idee, maar reken op ongeveer tien seconden per gast. Bij vijftig mensen ben je acht minuten verder en staat de spreker te wachten. Doe het dus alleen bij een kleine groep, of laat de ringen alleen langs je ouders en getuigen gaan terwijl er muziek speelt.
Wat je ook doet, laat de ringen niet los in een jaszak zitten die daarna aan de kapstok hangt. Spreek af waar ze zijn vanaf het moment dat jullie thuis vertrekken tot het moment dat de ambtenaar of spreker erom vraagt. En laat de persoon die ze draagt dat op de repetitie of tijdens de ontvangst één keer oefenen, dan weet iedereen hoe het gaat.
Zo regel je de ringen in vijf stappen
- Spreek af welke hand jullie gebruiken en of de verlovingsring meegaat.
- Pas de ringen twee weken vooraf nog een keer, midden op de dag.
- Laat een te strakke ring op tijd aanpassen bij de juwelier.
- Wijs één persoon aan die de ringen bewaart, en zeg wie dat is tegen je ceremoniespreker.
- Zet de verlovingsring na de ceremonie terug, bij voorkeur voordat de fotograaf de handen fotografeert.
Zet dit soort kleine afspraken bij elkaar in jullie draaiboek, dan hoeft niemand het op de ochtend zelf nog te bedenken.




